Johannes 11
Uitleg en bijbelverhaal voor tieners (12 jaar en ouder)
Lees Johannes 11 in de HSVDe Uitleg
Johannes 11 begint met een bericht dat elke vriend van Jezus zou laten schrikken. Lazarus, de broer van Maria en Martha, is ziek. Zwaar ziek. De zussen sturen een boodschap naar Jezus, kort en zonder omhaal: "Heere, zie, hij die U liefhebt, is ziek." Ze noemen zijn naam niet eens. Dat hoeft niet. Jezus weet wie ze bedoelen.
En dan gebeurt er iets vreemds. Jezus, van wie Johannes uitdrukkelijk zegt dat Hij Martha, Maria en Lazarus liefhad, blijft nog twee dagen waar Hij is. Hij komt niet meteen. Als Hij eindelijk aankomt in BethaniΓ«, is Lazarus al vier dagen dood. Begraven. Voorbij het punt waarop iemand nog hoopt.
Martha loopt Hem tegemoet en zegt precies wat elk mens in die situatie zou zeggen: "Heere, als U hier geweest was, zou mijn broer niet gestorven zijn." Er zit verwijt in, en tegelijk geloof. Ze voegt eraan toe dat ze weet dat God Jezus zal geven wat Hij vraagt. Jezus antwoordt met een van de meest verstrekkende zinnen uit het Nieuwe Testament: "Ik ben de Opstanding en het Leven; wie in Mij gelooft, zal leven, ook al was hij gestorven."
Dan komt Maria. Ze valt aan zijn voeten en zegt exact dezelfde zin als haar zus. En hier gebeurt iets wat je makkelijk over het hoofd leest. Jezus huilt. Hij, die weet wat Hij zo meteen gaat doen, die weet dat Lazarus binnen tien minuten weer ademhaalt, staat te huilen bij het graf. Johannes zegt zelfs dat Hij "in Zichzelf diep bewogen" was en "geweldig geroerd in de geest". Het Griekse woord suggereert bijna woede. Woede tegen de dood zelf.
Bij het graf beveelt Hij dat de steen wordt weggehaald. Martha protesteert, want er komt een geur, hij ligt er al vier dagen. Jezus bidt hardop, niet voor Zichzelf, maar zodat de omstanders het horen. Dan roept Hij: "Lazarus, kom naar buiten!" En Lazarus komt. Verbonden nog met de linnen doeken, zijn gezicht bedekt met een zweetdoek. "Maak hem los," zegt Jezus, "en laat hem weggaan."
Wat betekent dit?
Dit hoofdstuk gaat over uitstel dat geen onverschilligheid is. Jezus wachtte niet omdat Hij niet gaf om Lazarus. Hij wachtte omdat er iets groters aan de hand was dan Hij op dat moment liet zien. Als Hij eerder was gekomen en Lazarus had genezen van zijn ziekte, was het een mooi verhaal geweest. Nu werd het iets anders. Nu werd het een confrontatie met de laatste vijand.
Jezus laat zien dat Hij niet alleen ziekte kan wegnemen. Hij kan de dood terugdraaien. En Hij doet het niet vanuit een klinische afstand. Hij huilt. Hij is boos. Hij voelt wat mensen voelen wanneer ze verlies dragen. Dat is misschien wel het merkwaardigste van heel dit hoofdstuk: God in het vlees, die zowel de macht heeft om doden op te wekken als de gevoeligheid om te huilen bij een graf.
De Rode Draad
"Ik ben de Opstanding en het Leven." Het is de vijfde van de zeven "Ik ben"-uitspraken in Johannes. Jezus zegt niet: Ik breng opstanding. Hij zegt: Ik ben het. De opstanding is geen ding dat Hij regelt, het is wie Hij is.
Wat er bij het graf van Lazarus gebeurt, is een voorproefje. Een trailer. Een paar hoofdstukken later gaat Jezus zelf het graf in. En anders dan Lazarus, die uiteindelijk toch weer stierf, komt Jezus eruit met een lichaam dat niet meer sterven kan. Hij is de eerste van een nieuwe soort mensen. Paulus noemt Hem later de "eersteling" van hen die ontslapen zijn.
De opwekking van Lazarus is trouwens ook het punt waarop de leiders definitief besluiten dat Jezus dood moet. Hij redt een leven en tekent daarmee zijn eigen doodvonnis. Dat is het patroon van het evangelie.
Voor Jou
Er zit in dit hoofdstuk een zin die veel mensen troost heeft gegeven, en misschien ook heeft geΓ«rgerd: "Als U hier geweest was." Het is de vraag die je stelt als God traag lijkt. Als een gebed niet beantwoord wordt. Als iemand die je liefhebt eronderdoor gaat en er niets gebeurt. Waar was U?
Johannes 11 geeft geen glad antwoord op die vraag. Het geeft wel dit: Jezus komt uiteindelijk. Hij huilt mee. En Hij heeft macht over dingen waar jij geen macht over hebt. Dat betekent niet dat elk graf op aarde nu al opengaat. De meeste blijven dicht, voorlopig. Maar het betekent wel dat wie Jezus is, bepaalt hoe het verhaal afloopt. En Hij is de Opstanding en het Leven.
Voor iedereen die worstelt met de vraag of geloven ergens toe leidt, staat hier iets heel concreets. Jezus stelt Martha een vraag na zijn grote uitspraak: "Gelooft u dat?" Hij stelt die vraag ook aan jou. Niet omdat Hij twijfelt aan het antwoord, maar omdat geloof persoonlijk is. Iemand anders kan het niet voor je geloven.
Praat mee
Wat doe je met een God die niet komt wanneer jij denkt dat Hij zou moeten komen? Kun je in Hem geloven als Hij twee dagen te laat lijkt?
Jezus huilt bij een graf terwijl Hij weet dat Hij zo meteen gaat opwekken. Wat zegt dat over hoe God omgaat met verdriet, ook als Hij weet hoe het afloopt?
Samen Bidden
Heer Jezus, U bent de Opstanding en het Leven. Ik geloof dat, en soms geloof ik dat niet. Kom bij de graven in mijn leven. Bij de dingen die dood lijken, de mensen die ik mis, de hoop die ik verloor. Leer mij U te vertrouwen, ook als U later komt dan ik wil. Amen.
Vragen over Johannes 11
Korte antwoorden voor wie hier voor het eerst over leest.
Waar gaat Johannes 11 over?
Wat staat er in Johannes 11?
Wat leert Johannes 11 ons over God?
Wat kunnen tieners leren uit Johannes 11?
Waarom is Johannes 11 een belangrijk bijbelverhaal?
Wat anderen ontdekten
Daarna zei Hij tegen de discipelen: Laten wij weer naar Judea gaan." Weer naar Judea. Daar waar ze Hem net wilden stenigen. Jezus loopt bewust terug het gevaar in, omwille van Lazarus. Zijn liefde kiest niet de veilige route. Waar vraagt Hij jou vandaag om iets in te gaan wat je liever zou vermijden?
Jezus zegt dit niet in een studeerkamer, maar bij een graf. Martha huilt, haar broer ligt dood, en juist dÑÑr klinkt: "Ik ben de Opstanding en het Leven." Hij zegt niet: Ik geef opstanding. Hij Γs het. Merk je hoe geloof soms pas echt getest wordt aan de rand van een graf? Daar, waar je niets meer in handen hebt, wil Hij zichzelf aan je geven.
Jezus bidt hardop bij het graf van Lazarus, niet omdat Hij denkt dat de Vader Hem anders niet hoort. "En Ik wist dat U Mij altijd verhoort, maar ter wille van de menigte die om Mij heen staat, heb Ik dit gezegd." Zijn gebed is er voor de omstanders. Soms is jouw hardop uitgesproken vertrouwen precies wat een ander nodig heeft om te geloven.
Toen zei Jezus dan openlijk tegen hen: Lazarus is gestorven." Eerst sprak Hij in beelden, over slaap. Nu zonder omhaal. Soms doet Jezus dat ook bij jou. Eerst hint, dan recht voor zijn raap. Niet om je te kwetsen, maar omdat liefde soms duidelijk moet zijn. Hoor jij wat Hij openlijk zegt?
Voor jongere kinderen?
Voor peuters (3-6 jaar) of de basisschoolleeftijd (7-12 jaar) hebben we ook eigen versies.
Open in de kinderbijbel-tool