Markus 5
Uitleg en bijbelverhaal voor tieners (12 jaar en ouder)
Lees Markus 5 in de HSVDe Uitleg
Markus 5 is een hoofdstuk vol uitersten. Drie verhalen, drie wanhopige mensen, drie ontmoetingen met Jezus. En in alle drie de gevallen gebeurt er iets wat de omstanders niet voor mogelijk hadden gehouden.
Het begint aan de overkant van het meer, in heidens gebied. Jezus stapt uit de boot en wordt direct opgewacht door een man die tussen de graven leeft. Markus schrijft hem uitgebreid in: ketenen kon hij verbreken, niemand kreeg hem in bedwang, dag en nacht schreeuwde hij in de bergen en sloeg zichzelf met stenen. Dit is geen pittig randgeval. Dit is een mens die volledig is afgeschreven. Bezeten door een leger demonen, "Legioen" noemen ze zichzelf, een Romeinse legereenheid van duizenden. Jezus drijft ze uit, ze varen in een kudde varkens, en de varkens storten zich het meer in. De man zit even later aangekleed en bij zinnen aan Jezus' voeten. De inwoners van het gebied? Ze raken in paniek en smeken Jezus om te vertrekken. Eén gezonde man weegt blijkbaar niet op tegen een kudde varkens.
Jezus vaart terug, en daar wacht een andere wanhopige man. Jaïrus, een hoofd van de synagoge, dus iemand met aanzien. Hij valt aan Jezus' voeten neer. Zijn dochtertje ligt op sterven. Jezus gaat mee. Onderweg gebeurt het tweede wonder. Een vrouw die al twaalf jaar bloedt, onrein verklaard, financieel uitgeput door artsen die haar niet konden helpen, raakt vanuit de menigte heimelijk Jezus' kleed aan. Ze geneest direct. Jezus voelt dat er kracht uit Hem is gegaan en vraagt wie Hem aanraakte. Ze komt bevend tevoorschijn en vertelt alles. Hij noemt haar "dochter" en zegt dat haar geloof haar heeft behouden.
Dan komt het bericht: het dochtertje van Jaïrus is gestorven. Te laat. Jezus zegt tegen Jaïrus: "Wees niet bevreesd, geloof alleen." Bij het huis lacht men Hem uit als Hij zegt dat het meisje slaapt. Hij stuurt iedereen weg, neemt het meisje bij de hand en zegt: "Talitha, koemi." Meisje, sta op. Ze staat op en loopt. Hij zegt dat ze haar te eten moeten geven, een detail dat je niet verzint.
Wat betekent dit?
Markus zet drie mensen naast elkaar die op hetzelfde uitkomen: ze zijn aan het eind van hun mogelijkheden. De bezetene heeft alles verloren, zelfs zichzelf. De vrouw heeft alles geprobeerd en is leeg. Jaïrus staat machteloos bij het bed van zijn kind. Religieuze status, geld, kracht, niets ervan kan hen redden.
En dan blijkt Jezus' autoriteit oneindig groter dan al die problemen bij elkaar opgeteld. Demonen gehoorzamen Hem. Een chronische ziekte wijkt voor een aanraking. De dood draait om bij Zijn woord. Markus stapelt deze drie verhalen op elkaar om één ding duidelijk te maken: er is niets, letterlijk niets, waar Jezus geen macht over heeft.
Maar let op het contrast. De omstanders in Gerasa willen Hem weg. De menigte rond het sterfbed lacht Hem uit. En de mensen die wel iets ontvangen? Dat zijn degenen die zich kwetsbaar maken. De vrouw die durft toe te geven dat zij het was. Jaïrus die als gerespecteerde leider knielt voor een rondtrekkende rabbi. De bezetene die niets meer te verliezen heeft.
De Rode Draad
In de Bijbel zijn er drie krachten die de mens fundamenteel kapot maken: de duivel, ziekte en lijden, en de dood. In Markus 5 ontmoet Jezus ze alle drie achter elkaar, en ze buigen alle drie. Dit is een voorproefje. Het kruis en de opstanding zullen het definitief maken: Jezus is gekomen om precies deze drie machten te breken.
En het is veelzeggend dat Hij dat eerste wonder doet in heidens gebied. Een Romeins legioen demonen wordt uitgedreven aan de overkant van het meer, ver buiten Israël. Het Koninkrijk dat Jezus brengt kent geen grenzen van etniciteit, status of reinheid. Een onreine man, een onreine vrouw, een dood meisje. Hij raakt ze alle drie aan zonder zelf onrein te worden. Zijn reinheid is sterker dan hun onreinheid.
Voor Jou
Er zijn dingen in je leven waar je geen controle over hebt. Misschien iets in je hoofd dat niet stopt, gedachten die terugkeren hoe vaak je ook probeert ze weg te duwen. Misschien iets in je lichaam, iets in je gezin, iemand die ziek is, een vriendschap die kapot ging en niet meer heelt. Misschien een prestatie waar je al jaren naar jaagt en die toch niet brengt wat je hoopte.
Markus 5 dwingt je tot een eerlijke vraag: geloof je echt dat Jezus daar iets mee kan? Niet abstract, niet als religieuze formule, maar concreet, in dat ene ding waar je nu aan denkt.
De vrouw kwam bevend. Jaïrus knielde in het openbaar. Geen van beiden deed dat omdat het comfortabel voelde. Ze deden het omdat ze geen alternatief meer hadden. Soms moet je eerst aan het einde komen van wat je zelf kunt regelen voordat je echt bij Hem komt. Dat is geen zwakte. Dat is het begin van geloof.
En geloof in Markus 5 is niet dat je alle antwoorden hebt. Het is dat je een hand uitsteekt, of een knie buigt, of een naam fluistert. "Wees niet bevreesd, geloof alleen", zegt Jezus tegen Jaïrus op het slechtste moment van zijn leven. Dat is geen goedkope troost. Dat is een bevel én een belofte.
Praat mee
Welk gebied in je leven houd je het liefst buiten Jezus, omdat je het zelf wilt blijven managen, en wat zou er moeten gebeuren voor je dat opgeeft?
De vrouw werd genezen, het meisje opgewekt. Wat doe je met momenten waarop je bidt en er niet zo'n duidelijk wonder volgt? Maakt dat Markus 5 minder waar?
Samen Bidden
Heer Jezus, U hebt macht over alles waar ik geen macht over heb. Over wat in mij woedt, over wat mij pijn doet, over wat ik niet kan loslaten. Leer mij komen zoals die vrouw, eerlijk en zonder schijn. Leer mij knielen zoals Jaïrus, ook als anderen kijken. En als U niet doet wat ik vraag, leer mij dan geloven dat U toch goed bent. Amen.
Vragen over Markus 5
Korte antwoorden voor wie hier voor het eerst over leest.
Waar gaat Markus 5 over?
Wat staat er in Markus 5?
Wat leert Markus 5 ons over God?
Wat kunnen tieners leren uit Markus 5?
Waarom is Markus 5 een belangrijk bijbelverhaal?
Wat anderen ontdekten
Jezus stapt net uit de boot, en daar is hij al: "een man met een onreine geest". Niemand komt Hem welkom heten. Geen menigte, geen leerling van de synagoge. Juist de meest kapotte mens van die streek loopt Hem als eerste tegemoet. Voor wie ben jij die overkant gaan varen, denk je dan? Misschien wel voor die ene die niemand meer ziet zitten.
Jezus is op weg naar het zieke dochtertje van Jaïrus. Spoed. Leven of dood. En dan staat er: "een grote menigte volgde Hem en zij drongen tegen Hem aan." Hij wordt geduwd, opgehouden, vertraagd. Toch laat Hij zich onderweg nog stoppen door één bloedende vrouw. Misschien voelt jouw gebed traag verhoord. Maar de drukke weg betekent niet dat Hij jou vergeet.
Jezus is net teruggekomen van de overkant, waar Hij een bezetene bevrijdde en daarna door de mensen werd weggestuurd. En nu staat Hij weer aan de oever, en "verzamelde zich een grote menigte bij Hem". Geen pauze, geen rust. Hij wordt afgewezen aan de ene kant en opgewacht aan de andere. Wat doe jij met afwijzing? Trek je je terug, of stap je weer in de boot?
Voor jongere kinderen?
Voor peuters (3-6 jaar) of de basisschoolleeftijd (7-12 jaar) hebben we ook eigen versies.
Open in de kinderbijbel-tool