Nieuw leven
Korte overdenkingen om bij stil te staan, bij bijbelteksten uit Lukas 24:2-3, Exodus 2:10, Exodus 2:9 en 1 Samuël 1:20.
En zij vonden de steen afgewenteld van het graf. En toen zij naar binnen gegaan waren, vonden zij het lichaam van de Heere Jezus niet.
Lukas 24:2-3
Het was nog vroeg. De vrouwen liepen naar het graf met specerijen in hun handen, met de vraag in hun hoofd: wie zal voor ons de steen van de ingang van het graf wegrollen? Die steen was zwaar. Een ronde schijf, in een geul geduwd voor de opening, bedoeld om te sluiten en gesloten te houden.
En dan komen ze aan, en de steen is weg.
Niet door hen weggerold. Niet op het moment dat zij dachten dat het nodig was. Eerder al. In het donker, zonder dat iemand het zag, had God dit al gedaan.
Daar is iets in dat je kunt meenemen vandaag. Je kunt wakker worden met een zorg die zo groot is als een steen. Je weet niet hoe je die moet verplaatsen. Je rekent al uit wat er nodig zal zijn, wie je zou moeten vragen, hoe laat je zou moeten beginnen.
En het kan zijn dat God, terwijl jij sliep, al bezig was. Niet altijd zichtbaar, niet altijd op de manier die jij verwacht. Maar Hij werkt ook in de uren waarin jij niets doet.
Loop vanmorgen naar je dag zoals die vrouwen naar het graf liepen. Met je vraag, met je specerijen, met je zorg. En houd je ogen open voor wat Hij misschien al heeft gedaan.
En toen het kind groot geworden was, bracht zij het bij de dochter van de farao, en het werd haar tot een zoon. Zij gaf hem de naam Mozes, want, zei ze, ik heb hem uit het water getrokken.
Exodus 2:10
Mozes. Een Egyptische prinses geeft hem die naam, omdat ze hem uit het water heeft getrokken. In het Hebreeuws klinkt daar het werkwoord masha in door, trekken. In het Egyptisch betekent mes gewoon zoon, kind, zoals in Ramses, zoon van Ra. Twee talen in één naam.
Zijn hele leven draagt hij dat mee. Hij heet: uit het water getrokken. Hij heet: gered.
En later, als God Zijn volk door de Schelfzee trekt, is het Mozes die zijn staf uitstrekt. De geredde wordt redder. Zijn naam blijkt profetie.
Misschien is dit het moment van je dag waarop je even bijkomt. De mail, het gesprek dat nog moet, de stapel die niet slinkt. En dan dit: er is een God die mensen uit het water trekt. Letterlijk, bij Mozes. En nog steeds, bij jou.
Je naam staat niet in Exodus. Maar wat Hij deed bij dat kind in dat rieten mandje, is hoe Hij werkt. Hij ziet drijven wat verloren leek. Hij trekt eruit.
Straks ga je weer verder. Neem dit mee: de God van Mozes kent ook jouw naam.
Toen zei de dochter van de farao tegen haar: Neem dit jongetje mee en zoog het voor mij, en ík zal u uw loon geven. De vrouw nam het jongetje mee en zoogde het.
Exodus 2:9
Mozes. Zijn naam betekent, zo legt Exodus zelf uit, 'uit het water getrokken'. Een Egyptische prinses geeft hem die naam. Niet zijn moeder, niet zijn volk, maar de dochter van de man die hem had willen laten verdrinken.
Stil daar even bij. De naam die hij zijn leven lang zal dragen, komt uit de mond van de vijand. Elke keer dat iemand hem roept, klinkt er mee: jij had dood moeten zijn.
En tegelijk draagt die naam iets anders. Hij werd uit het water getrokken. Veertig jaar later zal hij een heel volk uit het water trekken, de Schelfzee door. Zijn naam loopt voor zijn roeping uit, zonder dat iemand het beseft.
Mozes heeft dat zelf nooit gekozen. Hij is gered door een moeder die hem losliet in een biezen mandje, door een zus die op afstand bleef kijken, door een prinses die medelijden kreeg. Hij is er doorheen gesleept.
Misschien draag jij ook iets wat je niet gekozen hebt. Een verleden dat aan je naam blijft hangen. Een redding waar je zelf niet bij was.
De vraag is niet of je het begrijpt. De vraag is wat God er nog mee gaat doen.
En het gebeurde, na verloop van dagen, dat Hanna zwanger werd en een zoon baarde. Zij gaf hem de naam Samuel, want, zei zij, ik heb hem van de HEERE gebeden.
1 Samuël 1:20
Hanna was jarenlang kinderloos. In de tempel te Silo stortte zij haar hart uit voor God, zo heftig dat de priester Eli dacht dat ze dronken was. Ze bad zonder geluid, alleen haar lippen bewogen.
Toen haar zoon geboren werd, gaf ze hem een naam die haar hele weg samenvatte: Samuël. In het Hebreeuws klinkt daarin het woord 'sjaäl' door, dat betekent: gevraagd, gebeden. Elke keer dat ze zijn naam riep, hoorde ze haar eigen gebed terug.
Dat is bijzonder. Ze noemde hem niet 'geschenk' of 'vreugde', al was hij dat ook. Ze noemde hem naar het bidden zelf. Naar de lange nachten. Naar het wachten. Naar het moment dat ze hem terug moest geven aan de HEERE, want dat had ze beloofd.
Misschien draag jij vanavond iets wat je al heel lang bij God brengt. Iets waarvan je niet weet of het ooit komt. Hanna's verhaal zegt niet dat elk gebed wordt zoals je hoopt. Het zegt wel dat God hoort.
En als er ooit een antwoord komt, draagt het de sporen van het gebed. Je vergeet niet hoe het begon. Leg je dag neer. Hij luistert, ook naar wat niemand hoort.
Bekijk de volledige tekst en context op debijbel.nl.
Bij elk vers in deze overdenkingen kun je een uitgebreide bijbeluitleg krijgen met context, achtergrond en toepassing.
Start een verdiepingKrijg een melding bij elke nieuwe overdenking.
iPhone vereist een extra stapje om meldingen te kunnen ontvangen. Dit duurt 20 seconden:
Je krijgt voortaan meldingen op je telefoon bij elk nieuw moment.
Probeer het later opnieuw.
Je hebt op dit apparaat eerder geen toestemming gegeven voor meldingen — of de browser onthoudt dat van een vorige keer. Volg deze stappen om het aan te zetten:
Elke ochtend een bijbelgedeelte met een korte overdenking in je inbox.
Je ontvangt eerst een bevestigingsmail.