Even stil · maandag 5 oktober 2026

Vertrouwen dat God dichtbij is

Vertrouwen en nabijheid

3 weken geleden 4 min lezen 4 bijbelteksten

Korte overdenkingen om bij stil te staan, bij bijbelteksten uit Romeinen 8:15, Spreuken 6:6-8, Johannes 20:15 en Handelingen 12:5.

☀ Het ochtendmoment

Want u hebt niet de Geest van slavernij ontvangen, die opnieuw tot angst leidt, maar u hebt de Geest van aanneming tot kinderen ontvangen, door Wie wij roepen: Abba, Vader!

Romeinen 8:15

Abba. Zo begint deze maandag misschien wel, met één woord dat je nog net kunt uitspreken voordat de dag losbarst.

Het is Aramees, de taal die Jezus thuis sprak. Geen plechtig woord, geen tempeltaal. Het is het woord dat een kind gebruikt als het zijn vader aanspreekt. Niet 'papa' op een zoete manier, meer zoals een kind dat vol vertrouwen roept: pap, kijk eens, pap, help eens.

Jezus gebruikt dit woord in Gethsémané. In het donker, met de dood voor ogen, roept Hij: Abba. Het meest kinderlijke woord op het zwaarste moment.

En Paulus zegt: diezelfde Geest, die in Jezus riep, roept nu in jou. Je hebt niet de Geest van slavernij gekregen, die bang maakt. Je hebt de Geest van aanneming gekregen. Door Hem komt er een woord omhoog dat je zelf niet had kunnen bedenken: Abba.

Merk op dat Paulus schrijft dat wij roepen. Niet fluisteren, niet netjes formuleren. Roepen, zoals een kind dat zijn vader nodig heeft.

Misschien is dat vandaag genoeg. Niet een lang gebed, niet de juiste woorden. Gewoon dit ene woord, voordat je de deur uitgaat. Abba.

✦ Het lunchmoment

Ga naar de mier, luiaard, zie zijn wegen en word wijs. Hoewel hij geen aanvoerder heeft, geen leidinggevende of heerser, maakt hij in de zomer zijn brood gereed, verzamelt hij in de oogsttijd zijn voedsel.

Spreuken 6:6-8

Midden op de dag staat er een mier op de drempel van de Spreuken. Geen leeuw, geen adelaar. Een mier.

In Israël leven oogstmieren die werkelijk graankorrels verzamelen en opslaan in ondergrondse kamers. Boeren zagen het, de wijze zag het, en wees ernaar: kijk, dit kleine ding weet wat zomer is en wat winter wordt.

Het opvallende is wat erbij staat. Geen aanvoerder, geen heerser. Niemand die boven de mier staat te roepen dat hij moet doorwerken. Hij doet het omdat hij ziet wat het seizoen vraagt.

Misschien zit jij nu tussen twee taken in. Iemand kijkt mee, of juist niemand. Deadlines duwen, of het is stil en je moet jezelf aan de gang houden.

De mier zegt niet: harder, meer, sneller. De mier zegt: ken je tijd. Dit is zomer, straks komt iets anders. Wat je nu doet, draagt bij aan wat straks nodig is, ook als niemand het ziet.

Trouw in het kleine, zonder opzichter. Dat is geen slavernij, dat is wijsheid. God heeft dit in een insect gelegd zodat jij het zou zien en wakker worden.

Pak je werk weer op. Rustig. Met oog voor het seizoen waarin Hij je gezet heeft.

◐ Het middagmoment

Jezus zei tegen haar: Vrouw, waarom huilt u? Wie zoekt u? Zij dacht dat het de tuinman was, en zei tegen Hem: Mijnheer, als u Hem weggedragen hebt, zeg mij dan waar u Hem neergelegd hebt en ik zal Hem weghalen.

Johannes 20:15

Maria staat bij een leeg graf. Ze huilt. En de Opgestane, de Levende Zelf, staat achter haar en vraagt: waarom huilt u?

Het is een vreemde vraag. Hij weet toch waarom. Haar Heer is dood, denkt zij, en nu is zelfs het lichaam weg. Het verdriet is dubbel geworden.

Maar Jezus vraagt het toch. Niet om haar tranen klein te maken, wel om haar iets te laten uitspreken. Wie zoekt u? Waar kijkt u naar? Ze draait zich wel om naar Hem, maar ze herkent Hem niet. Ze denkt dat Hij de tuinman is.

Dat is het pijnlijke én het troostende tegelijk. Je kunt Jezus vlak bij je hebben en Hem aanzien voor iemand anders. Je kunt huilen om een Jezus die je verloren denkt, terwijl Hij staat te wachten tot je Zijn stem herkent.

Pas als Hij haar naam zegt, Maria, valt alles op zijn plek. Niet haar zoeken opent haar ogen, maar Zijn aanspreken.

Misschien is dit vandaag jouw plek. Je staat bij iets wat leeg aanvoelt. En er is een vraag die je mag laten komen: waarom huil ik eigenlijk, wie zoek ik precies? Niet om snel een antwoord te geven. Om stil te worden tot je je naam hoort.

☾ Het avondmoment

Petrus werd dus in de gevangenis bewaakt; maar door de gemeente werd voortdurend voor hem tot God gebeden.

Handelingen 12:5

Herodes heeft Jakobus laten doden. Nu zit Petrus vast, bewaakt door zestien soldaten, vier wisselende wachten van vier man. Morgen zal hij voorgeleid worden. Iedereen weet wat dat betekent.

En de gemeente? Die bidt. Niet één keer, niet als formaliteit. Voortdurend. In het huis van Maria, de moeder van Johannes Markus, zitten ze bij elkaar en roepen God aan.

Dan klopt er iemand op de deur. Het dienstmeisje Rhodé herkent de stem van Petrus en rent terug, zo blij dat ze vergeet open te doen. De biddenden geloven haar niet. 'Je bent buiten jezelf,' zeggen ze. En als ze blijft volhouden: 'Het is zijn engel.'

Dat is het eerlijke van dit gebed. Ze bidden hard, en ze durven nauwelijks te geloven dat God hoort. Toch doet Hij het. Terwijl zij nog twijfelen, staat Petrus al op straat.

Misschien bid jij vanavond ook zo. Trouw, en tegelijk met een hart dat niet goed meer durft hopen. Dat is geen diskwalificatie. De gemeente in Jeruzalem was ook zo, en God antwoordde.

Leg neer wat je vandaag droeg. Blijf kloppen. Hij hoort ook door jouw aarzeling heen.

Lees deze teksten in de HSV

Bekijk de volledige tekst en context op debijbel.nl.

Wil je dieper graven?

Bij elk vers in deze overdenkingen kun je een uitgebreide bijbeluitleg krijgen met context, achtergrond en toepassing.

Start een verdieping