Bijbeluitleg

Mattheüs 13:35

Lees Mattheüs 13:35 in de HSV
Tekstgrootte:

De Tekst

Mattheüs onderbreekt het verhaal van Jezus die in gelijkenissen spreekt met een citaat uit de Psalmen: "Ik zal Mijn mond opendoen met gelijkenissen; Ik zal dingen uitspreken die verborgen waren vanaf de grondlegging van de wereld." De evangelist ziet in Jezus' manier van onderwijzen de vervulling van wat een profeet lang geleden al aankondigde. Het gelijkenisonderwijs is geen pedagogische truc, maar de ontsluiting van een geheim dat zo oud is als de schepping zelf.

De Kern

Hier zit een opmerkelijke claim verborgen. Jezus spreekt niet over nieuwe informatie, maar over iets dat er altijd al was en nu pas naar buiten komt. "Verborgen vanaf de grondlegging van de wereld" betekent: dit zat ingebakken in de werkelijkheid vanaf dag één, maar niemand kon het zien. En nu, in deze man die aan het Meer van Galilea over zaad en onkruid vertelt, komt dat verborgene aan het licht. De gelijkenissen zijn geen versimpelingen voor domme boeren, maar openbaringen van hoe God de wereld eigenlijk heeft bedoeld. Wie oren heeft, hoort het. Wie geen oren heeft, hoort een boerenverhaaltje. Het geheim ligt open en bloot, maar het ontvouwt zich alleen voor wie werkelijk luistert.

De Rode Draad

Mattheüs citeert hier Psalm 78:2, een lied van Asaf dat Israëls geschiedenis vertelt van de uittocht tot David. Asaf noemt dat relaas zelf "raadsels uit de voortijd" en "dingen die wij gehoord hebben van onze vaderen". Door juist déze psalm aan Jezus te verbinden, zegt Mattheüs iets subtiels: zoals Asaf de oude verhalen opende om een nieuwe generatie te onderwijzen, zo opent Jezus nu het oudste verhaal van allemaal, dat van de schepping zelf. De rode draad loopt van Genesis via de psalmdichter naar de Rabbi uit Nazareth. En Paulus zal later in Kolossenzen 1:26 met vrijwel dezelfde woorden spreken over "het geheimenis, dat eeuwen en geslachten lang verborgen is geweest, maar nu geopenbaard is". Dat geheim heeft een naam: Christus.

De Spiegel

Er zit iets ongemakkelijks in deze tekst voor wie denkt dat geloven vooral een kwestie van informatie is. Je kunt bij de gelijkenissen zitten, ze allemaal kennen, ze zelfs kunnen navertellen op een kring, en nog steeds niets gehoord hebben. Dat raakt aan onze omgang met de Bijbel in het algemeen. We lezen hem soms als een handboek, strepen passages aan, maken aantekeningen, en missen ondertussen wat verborgen ligt. De tekst vraagt niet om meer leeswerk maar om een ander soort aandacht. Dezelfde geldt voor hoe we naar ons eigen leven kijken, naar het werk, de buurt, het gezin. Hoeveel loopt er aan ons voorbij omdat we denken dat we het al begrijpen? Wat zit er verborgen in gewone dingen, dat alleen zichtbaar wordt voor wie leert kijken?

De Hoofdpersoon

Jezus staat hier als iemand die iets uitspreekt wat al bestond. Dat is een vreemde positie. Hij is geen uitvinder van een nieuwe leer, geen vernieuwer die de traditie opschudt met frisse ideeën. Hij is degene die iets ontsluit wat al in de werkelijkheid lag opgeslagen, sinds het eerste "er zij licht". Dat zegt iets over wie Hij in Mattheüs' ogen is. Niet alleen een rabbi, niet alleen een profeet, maar iemand die bij die grondlegging zelf aanwezig moet zijn geweest om nu de sleutel te hebben. Johannes zal dat later uitwerken ("in het begin was het Woord"), maar Mattheüs legt hier al stilletjes het fundament. De spreker van de gelijkenissen is degene die weet wat er in het hart van de schepping ligt, omdat Hij er zelf vandaan komt.

De Vraag

Als het geheim al vanaf de grondlegging bestond, waarom moesten eeuwen van mensen leven en sterven zonder het ooit duidelijk gehoord te hebben? Waarom pas nu? De tekst geeft geen antwoord dat de pijn wegneemt. Wel een aanwijzing: openbaring heeft blijkbaar een tijd nodig. God werkt niet als een leraar die alles tegelijk op het bord schrijft, maar als iemand die zijn verhaal door de geschiedenis heen laat ontvouwen, laag voor laag. Dat blijft schrijnend voor wie denkt aan generaties die het zonder moesten doen. Hier past terughoudendheid. Paulus hint in Romeinen 2 dat God rekening houdt met wat mensen wisten of niet konden weten, maar het volledige antwoord krijgen we niet. Het mysterie van Gods timing blijft mysterie.

De Intertekst

Behalve Psalm 78 resoneert hier Deuteronomium 29:29: "De verborgen dingen zijn voor de HEERE, onze God, maar de geopenbaarde dingen zijn voor ons." Mattheüs 13:35 kantelt die balans: wat verborgen was, wordt nu geopenbaard. En in Mattheüs 11:25 heeft Jezus net gezegd dat de Vader deze dingen "verborgen heeft voor wijzen en verstandigen en ze geopenbaard aan jonge kinderen". De spanning is scherp: openbaring en verberging gaan hand in hand, zelfs binnen dezelfde Jezus, dezelfde gelijkenissen, dezelfde dag.

Reflectie

Wat in jouw leven, Bijbellezen of geloof denk je al te begrijpen, waardoor je misschien stopt met luisteren?

Waar zie je iets "verborgens" in het gewone, iets wat voor anderen onzichtbaar lijkt maar jou geestelijk raakt?

Deel deze uitleg

Help het evangelie verspreiden. Stuur deze uitleg naar iemand die erdoor bemoedigd kan worden.

WhatsApp Email Facebook X / Twitter

Veelgestelde vragen over Mattheüs 13:35

Snelle antwoorden op de meest gestelde vragen bij deze bijbeltekst.

Wat betekent Mattheüs 13:35?
Mattheüs onderbreekt het verhaal van Jezus die in gelijkenissen spreekt met een citaat uit de Psalmen: "Ik zal Mijn mond opendoen met gelijkenissen; Ik zal dingen uitspreken die verborgen waren vanaf de grondlegging van de wereld." De evangelist ziet in Jezus' manier van onderwijzen de vervulling van wat een profeet lang geleden al aankondigde.
Waar gaat Mattheüs 13:35 over?
Hier zit een opmerkelijke claim verborgen. Jezus spreekt niet over nieuwe informatie, maar over iets dat er altijd al was en nu pas naar buiten komt. "Verborgen vanaf de grondlegging van de wereld" betekent: dit zat ingebakken in de werkelijkheid vanaf dag één, maar niemand kon het zien.
Wat is de historische context van Mattheüs 13:35?
Mattheüs citeert hier Psalm 78:2, een lied van Asaf dat Israëls geschiedenis vertelt van de uittocht tot David. Asaf noemt dat relaas zelf "raadsels uit de voortijd" en "dingen die wij gehoord hebben van onze vaderen".
Wat leert Mattheüs 13:35 ons over Gods karakter?
Er zit iets ongemakkelijks in deze tekst voor wie denkt dat geloven vooral een kwestie van informatie is. Je kunt bij de gelijkenissen zitten, ze allemaal kennen, ze zelfs kunnen navertellen op een kring, en nog steeds niets gehoord hebben. Dat raakt aan onze omgang met de Bijbel in het algemeen.
Hoe is Mattheüs 13:35 vandaag nog relevant?
Jezus staat hier als iemand die iets uitspreekt wat al bestond. Dat is een vreemde positie. Hij is geen uitvinder van een nieuwe leer, geen vernieuwer die de traditie opschudt met frisse ideeën. Hij is degene die iets ontsluit wat al in de werkelijkheid lag opgeslagen, sinds het eerste "er zij licht".

Wat de gemeenschap deelt bij Mattheüs 13

Inzichten, gebeden en dankzeggingen van lezers en redactie bij deze tekst.

Inzicht Redactie bij vers 55

Is Hij niet de zoon van de timmerman? Heet Zijn moeder niet Maria, en Zijn broers Jakobus en Joses, en Simon en Judas?" Ze kenden Hem te goed om Hem echt te zien. De jongen van hiernaast kan toch niets bijzonders zijn? Soms mis je God omdat Hij te gewoon lijkt. Waar kijk jij overheen omdat het te vertrouwd is?

Dank Redactie bij vers 5

Heer, dank U dat U mij niet loslaat als een oppervlakkige bodem, maar dat U door Uw Geest werkt aan diepgang in mijn hart. Dank dat U mij leert wortelen in Uw Woord, zodat mijn geloof niet verdort zodra de zon fel gaat schijnen.

Inzicht Redactie bij vers 49

Jezus sluit de gelijkenis van het visnet af met scherpe woorden: "Zo zal het bij de voleinding van de eeuw zijn: de engelen zullen uitgaan en de slechten uit het midden van de rechtvaardigen afzonderen." Het net haalt alles binnen, maar pas later wordt gescheiden. Dat ongemak mag je voelen. Niet om over een ander te oordelen, maar om jezelf eerlijk af te vragen waar jij staat.

Inzicht Redactie bij vers 36

Toen Jezus de menigte had laten gaan, ging Hij naar huis. En Zijn discipelen kwamen bij Hem en zeiden: Verklaar ons de gelijkenis van het onkruid op de akker."

Pas binnen, weg van de menigte, durven de discipelen door te vragen. Misschien herken je dat. Buiten knik je mee, maar binnen blijven de vragen hangen. Jezus stuurt ze niet weg. Hij wacht juist tot je dichtbij komt om uit te leggen wat je niet begreep.

Verken deze tekst op een ander niveau

Beginner, Theoloog, of een andere leesduur? Pas de instellingen aan en genereer jouw versie.

Open in de studie-tool

Disclaimer: Doorgroeien.nl maakt gebruik van geautomatiseerde taalmodellen om bijbeluitleg te genereren. Hoewel we streven naar theologische zuiverheid, kan de software fouten maken. Gebruik deze tool als aanvulling op, niet als vervanging van, je eigen bijbelstudie en het gemeenschapsleven in de kerk.